vrijdag 20 april 2018

Luisterhouding en betrokkenheid - Tijd voor verhalen (2)

De afgelopen weken ben ik hard aan het werk geweest voor mijn project Tijd voor verhalen. Ongeveer een derde van de lessen zit er nu op. Dat is nog te vroeg voor conclusies, maar er is wel al het een en ander dat me opvalt. Verschillen in luisterhouding bijvoorbeeld. In alle drie de kleutergroepen waar ik kom, luisteren de kinderen aandachtig naar mijn verhalen. Maar hoe ze luisteren, is heel verschillend.


Drie keer anders
Een van mijn verhalen ging over een konijn dat van alles probeert om een kuiken uit het ei te krijgen: tikken, schudden, rollen, er bovenop zitten. In de eerste groep waar ik het vertelde, deed een groot deel van de kinderen alles fysiek mee: ze stonden op, liepen om het denkbeeldige ei heen, duwden het de hele kring door. De kinderen in de tweede groep zaten juist muisstil en ademloos te luisteren en als ik ze daartoe uitnodigde deden ze voorzichtig mee. De derde groep was gefascineerd door het konijn en het kuiken dat ik van mijn handen maakte en probeerde die bewegingen na te doen met hun eigen vingers. Ik was verrast door deze grote verschillen in interactie, terwijl ik het verhaal steeds op dezelfde manier vertelde.

Bewegen én luisteren
Bij de 'fysieke' groep, die tijdens het vertellen af en toe druk rondstuiterde in de kring, vroeg ik me af hoeveel er van het verhaal was overgekomen. Bij de vervolgactiviteit speelde ik met een groepje kinderen het verhaal na op een verteltafel, met een konijn en een ei van plastic. Tot mijn verbazing kon juist het beweeglijke jongetje, dat door de leerkracht meerdere keren terug naar zijn plek was gestuurd, het verhaal feilloos naspelen. Na afloop verteld ik het de leerkracht en verbaasde me nog meer: bij dit kind was onlangs een erg laag IQ vastgesteld en nu vertelde hij (op zijn manier) in een keer een heel verhaal na!

Betrokkenheid
Beweeglijk gedrag hoeft goed luisteren dus niet in de weg te zitten. Misschien helpt het zelfs. Dat weet ik nu, maar toen ik een beginnende kleuterleerkracht was, vond ik dat lastig. Mijn kringlessen waren onrustig en ik dacht dat de kinderen er niks van opstaken. Totdat ik een keer coaching kreeg en met mijn begeleider een video-opname van mijn les terugkeek. Toen zag ik pas hoe ontzettend betrokken de kinderen waren: ze deden juist heel goed mee! De coach stelde me de vraag hoe belangrijk het in dat geval is dat de kinderen stil zijn? Dat was voor mij een eye-opener, waar ik nu als verteller nog steeds profijt van heb.

Leren luisteren 
Kleuters die geboeid zijn en mee doen, stellen vragen, maken opmerkingen en kopiëren de bewegingen en geluiden die je maakt. Wie van een stil publiek houdt, kan beter niet met kleuters werken.
Natuurlijk leren ze op school dat ze moeten blijven zitten en op hun beurt moeten wachten, maar dat gaat niet van de ene dag op de andere. Ze zitten middenin dat leerproces, of zijn er zelfs nog maar net mee begonnen, en reageren dus vaak nog spontaan op wat jij doet. Ze praten en bewegen terwijl jij aan het woord bent, maar dat betekent meestal niet dat ze niet (willen) luisteren.

Meedoen
De meeste kleuters willen gewoon meedoen. Daarom kijk ik bij het voorbereiden van een verhaal al waar dit mogelijk is en soms pas ik het verhaal aan om extra interactie in te bouwen:
  • Ik kijk welke acties van de personages omgezet kunnen worden in bewegingen die de kinderen kunnen nadoen/meedoen.
  • Herhalingen in het verhaal giet ik soms in de vorm van een versje of liedje. Ook dit ondersteun ik met bewegingen of handgebaren.
  • Ik beschrijf iets en laat ze raden. Of ik laat ze oplossingen aandragen voor een probleem dat de hoofdpersoon tegenkomt.
Oeps...
Ondanks voorbereiding en ervaring kom je soms toch voor verrassingen te staan. Toen mijn hoofdpersoon afgelopen week de wijde wereld introk, wilde ik een versje inzetten. Maar de hele klas wandelde zelf al vrolijk de wijde wereld in. Het wandelen ging over in rennen. Daar zit je dan.
De kunst is dan om niet in paniek te raken. Ik heb eerst met de leerkracht hartelijk om de ontstane chaos gelachen, toen een keer diep ademgehaald en mijn verhaal aangepast: "Nadat hij een heel stuk gerend had, was hij zó moe..." De meeste kinderen gingen toen vanzelf zitten.

Go with the flow
Dat vind ik de mooiste momenten. Als je kinderen spontaan kunt laten reageren en het mee kunt nemen in je verhaal. Dat geldt ook voor mondelinge reacties. Roept er een dat hij thuis een zwart konijn heeft? Dan wordt het konijn in het verhaal ook zwart. Al kan dat natuurlijk niet altijd.
Als je flexibel bent in je verhaal en weet te genieten van de inbreng van de kinderen, dan heb je met kleuters een super-betrokken publiek.