donderdag 16 december 2010

Uitnodiging: het kerstverhaal zoals je het nog niet kende

Meestal treed ik op voor besloten gezelschappen, maar komende week kan iedereen die belangstelling heeft, me zien en horen vertellen in het Bijbels Museum te Amsterdam. Op zaterdag 18, zondag 19 en woensdag 22 december zal ik een aantal verhalen rondom de geboorte van Jezus vertellen voor kinderen vanaf ±7 jaar en hun (groot)ouders

Dit is opnieuw een optreden verbonden aan de bijzondere tentoonstelling Wonder boven Wonder, waarvoor verstandelijk beperkten schilderijen hebben gemaakt naar aanleiding van verhalen uit de bijbel. Een maand of drie geleden vertelde ik bij deze tentoonstelling al een tweetal verhalen uit het Oude Testament. Deze keer is het kerstverhaal uit het Nieuwe Testament de inspiratiebron.

Denk je dat je het kerstverhaal wel kent? Kom dan maar eens luisteren en laat je verrassen. Hoor hoe Jozef door tweestrijd werd verscheurd, leer welk geschenk de kleine Jezus het meest waardeerde en ontdek het mysterie van de vierde koning!

Data: zaterdag 18, zondag 19, en woensdag 22 december
Aanvang: 14.00 uur
Duur: ca. 45 min
Deelname: gratis (excl. entree, kinderen t/m 12 jr gratis)
Leeftijd: 7-12 jaar

Reserveren: zeer aanbevolen op 020-6242436 of info@bijbelsmuseum.nl
Informatie over entreeprijzen en adres vind je op de website van het Bijbels Museum



De aankondiging door Simone Martini: inspiratiebron voor het schilderij van Monica Dierikx, waarbij Babboes een verhaal zal vertellen.

woensdag 8 december 2010

Advent-voorleestip: Pompoen!

Ik vind de tijd tussen Sinterklaas en Kerstmis altijd een erg gezellige tijd, met een heel andere sfeer dan de weken voor vijf december. De gordijnen gaan dicht, lichtjes aan, en de kerstversiering komt van zolder.

En wat is er dan knusser om samen met je kind op de bank verhaaltjes te lezen? Met het peuter-/kleutertijdschrift Pompoen wordt dat deze maand extra leuk gemaakt in de vorm van een verhaaltjes adventskalender. Geen zoete verhaaltjes over sneeuw. kaarsjes en pakjes onder de kerstboom, maar een spannend vervolgverhaal waarin allerlei wezens uit sprookjes en mythologie de revue passeren. Enge monsters, zoals de basilisk of een trol met een enorme muil, worden niet geschuwd, maar té spannend wordt het ook weer niet voor kleuters. (Hoewel ik het persoonlijk voor driejarigen - toch ook de doelgroep van het blad - wel erg eng vind af en toe.)

Anna, de dochter van de kerstman, maakt zich zorgen of wel alle kinderen een cadeautje krijgen van haar vader. Hoe zit dat met de kinderen van reuzen, elfen en andere fantasiewezens? De kerstman gelooft namelijk niet dat ze bestaan. Om te bewijzen dat ze echt bestaan zoekt Anna er iedere dag eentje op in Wonderland. Haar rendier Bart wijst de weg en Anna maakt voor haar vader van ieder wezen een tekening met daarop het bijbehorende adres.
Iedere dag is er een nieuw avontuur(tje), met een andere sprookjesfiguur, dat zich volgens een vast stramien afspeelt - kinderen zijn immers dol op herhaling. Maar het allermooiste is dat er iedere dag een deurtje opengemaakt mag worden van de bijpassende adventskalender, waarbij een voorwerp tevoorschijn komt dat Anna heeft gekregen van het wezen, en je aan de binnenkant van het deurtje ziet wat Anna getekend heeft.

Ik vind het idee prachtig. Mijn jongens - en ik - smullen ervan. Dus heb je ook kleuters in huis of op school? Ga dan gauw naar de winkel en haal de Pompoen, misschien ligt-ie er nog. Desnoods om te bewaren voor volgend jaar.

woensdag 1 december 2010

Sinterklaas in een kastje

Wanneer je in Nederland bent geboren en opgroeit, krijg je alle rituelen rondom Sinterklaas met de paplepel bijgebracht. Maar heel anders is het, wanneer je als kind pas in Nederland komt wonen en in december plotseling geconfronteerd wordt met zwartgeschminkte volwassenen in apenpakjes en een man met nepbaard en jurk. En dan hebben we het nog niet eens over de rare gewoonte om schoenen met een wortel erin bij de kachel te zetten.

Zo vergaat het bijvoorbeeld kinderen van asielzoekers. Dat was reden voor de Stichting Gastvrij Amersfoort om voor de kinderen van Openbare Basisschool de Wiekslag, die pas een paar maanden in Nederland zijn, een speciale middag te organiseren met Sinterklaasactiviteiten. De kinderen werden daarbij vergezeld door Nederlandse maatjes van de School op de Berg uit Amersfoort.
Babboes was gevraagd om op deze middag een workshop of kleine voorstelling te geven.

Vol enthousiasme zei ik "Ja!" tegen de opdracht: na jarenlang les te hebben gegeven aan buitenlandse kinderen kon ik gewoon niet weigeren. Leuk! Maar... wel moeilijk...
Want wat voor verhaal ga je in hemelsnaam vertellen aan een groep kinderen die in leeftijd varieert van 4 tot 12 en waarvan bovendien een derde het Nederlands amper machtig is?

Na veel gepieker besloot ik maar zelf een verhaal te schrijven, waarvan de thematiek zich beperkte tot de "core business" van het Sinterklaasgebeuren: pieten, Sinterklaas, paard, pepernoten en cadeautjes. Maar daarmee was ik er nog niet. Om het voor de minder taalvaardige kinderen wat makkelijker te maken moest er ook iets van beeld bij...

Ik besloot de gok te wagen en eindelijk eens werk te maken van een idee dat al langer door mijn hoofd speelde: kamishibai.
Kamishibai is een verteltechniek uit Japan, waarbij een kastje gebruikt wordt om bij het verhaal behorende afbeeldingen te laten zien. Het heeft wel iets weg van een kleine poppenkast, maar dan niet met poppen, maar met plaatjes. (Het woord "kamishibai" betekent "papieren theater".) Tijdens het vertellen wordt regelmatig de afbeelding uit het kastje geschoven, zodat de volgende tevoorschijn komt. Door dit met een bepaalde beweging of snelheid te doen, kun je nog extra effect aan het verhaal toevoegen.

Voor de verandering was ik de afgelopen weken dus niet bezig met woorden, maar met het maken van beelden: letterlijk. Bij mijn Sinterklaasverhaal heb ik zeven tekeningen op A3 formaat gemaakt. Dat was een hele klus, maar het resultaat mag er zijn. Sterker nog: het resultaat was verbluffend.
Het is verbazingwekkend om te zien hoe dat kleine kastje de aandacht van het publiek naar zich toe trekt. Ik heb zelden meegemaakt dat kinderen, klein en groot, én volwassenen zo ademloos hebben zitten luisteren. Het was pure magie.

Al met al is het veel werk geweest - veel meer dan verantwoord voor een éénmalig optreden - maar de ervaring was geweldig. Ik ga het vertelkastje beslist vaker gebruiken.
En wat het verhaal en de tekeningen betreft: verschillende mensen hebben al gezegd dat ik ermee naar een uitgever moet stappen. Dat was helemaal niet mijn bedoeling, maar wie weet bedenk ik me nog...





dinsdag 23 november 2010

Sinterklaas-weetjes

De afgelopen weken ben ik - naast een tijdelijke baan in loondienst - druk bezig geweest met de voorbereidingen van twee voorstellingen voor Sinterklaas. Op zoek naar beeldmateriaal van de bisschop en zijn knechten, kwam ik allerlei wetenswaardigheden over het ontstaan van het feest tegen.

Wist je bijvoorbeeld dat het rijden over het dak waarschijnlijk afkomstig is uit de Germaanse traditie? Nicolaas' uiterlijk zou overeenkomen met het uiterlijk van de Noorse god Odin. Odin reed op een schimmel - de achtbenige Sleipnir - waarmee hij door de lucht vloog. Het zetten van de schoen met wat lekkers voor het paard zou verwijzen naar het geven van offers aan de goden. (bron: Wikipedia).

De verwijzing naar de Germaanse tradities komt ook terug in het digitale Eduboek voor groep 5/6 over Sinterklaas. Ik betwijfel hoe bruikbaar dit (gratis downloadbare) boek is voor het onderwijs, maar de beschreven wetenswaardigheden zijn desondanks leuk om te lezen.

De traditie van het schoentje zetten wordt bijvoorbeeld verklaard door een verhaal waarin de heilige Nicolaas een arme vader aan een bruidsschat voor zijn dochter wil helpen. Hij werpt stiekem een zakje geld door het raam en het landt precies, jawel, in een schoen. Naar aanleiding van dit verhaal zetten mensen in Utrecht al meer dan 600 jaar geleden hun schoen in de Nicolaaskerk op 5 december. De rijke mensen vulden de schoenen en de inhoud werd op 6 december onder de armen verdeeld. (Meer info: Sinterklaasactie Eduboek)

Een heel ander soort Sinterklaasboek is "Sint", geschreven door Els Ruiters. In een superspannend verhaal, dat zowel in het heden als in het verleden speelt, leer je alles over het leven van Sinterklaas: een leven dat "bruiste van avontuur, mysterie, romantiek, intriges, goed en kwaad", aldus de omschrijving van het boek. Niet geschikt voor de kinderen die nog "echt geloven", maar wel zeer lezenswaardig voor iedereen van 9 tot 99 jaar.
Tot 31 december betalen scholen en hun leerlingen tot 10 euro minder per boek, wanneer ze bestellen via de website www.sinthetboek.nl. Het boek is ook gewoon in de boekhandel verkrijgbaar (ISBN 978-90-79107-03-2) Hieronder alvast een voorproefje.

vrijdag 29 oktober 2010

Lekker griezelen!

Het was even doorzetten, maar ik heb de nieuwsbrief voor oktober nog net op tijd voor Halloween klaar. Deze keer toepasselijk met een griezelverhaal! Ja hoor, het is geschikt voor jonge kinderen: daar kun je meer over lezen in de nieuwsbrief zelf. Veel griezelplezier!



(bron afbeelding: Wikimedia)

dinsdag 19 oktober 2010

Beestachtige boekjes

Je hebt ze misschien zelf vroeger gelezen: de Gouden Boekjes. De bekende boekjes met een gouden rug, een kartonnen kaft en dun papier zijn oorspronkelijk afkomstig uit de Verenigde Staten. In 1953 verscheen het eerste Gouden Boekje in Nederland, over Pietepaf het circushondje. De serie boekjes is vertaald door gerenomeerde Nederlandse kinderboekenschrijvers, zoals Annie M.G. Schmidt en Han G. Hoekstra en is nog steeds verkrijgbaar in de boekhandel.

Kasteel Groeneveld in Baarn heeft in samenwerking met Uitgeverij Rubenstein een selectie gemaakt van Gouden Boekjes waarin dieren een hoofdrol spelen en heeft daarvan een tentoonstelling samengesteld onder de titel "Gouden Boekjes Beestenboel". De tentoonstelling is afgelopen weekend geopend en te bezoeken tot eind februari 2011.

De tentoonstelling is bedoeld voor het hele gezin. Kinderen kunnen rondspeuren met behulp van de krant van Krantenpoes en op bezoek gaan bij dieren uit de boekjes.

De entree is slechts 4 euro voor volwassenen, 2 euro voor kinderen en met een museumjaarkaart gratis. Meer informatie over openingstijden en bereikbaarheid vind je op de website van Kasteel Groeneveld.

woensdag 13 oktober 2010

Op zoek naar Susanna

Meestal bestaat mijn publiek uit (jonge) kinderen en vaak vertel ik sprookjes en volksverhalen. Maar soms loopt het anders. Vorige week bijvoorbeeld, mocht ik optreden voor een zeer gemêleerd gezelschap in het Bijbels Museum in Amsterdam.

Aanleiding was de expositie "Wonder boven wonder" die op 2 oktober jongstleden is geopend. De tentoonstelling laat bijbelverhalen zien door de ogen van kunstenaars met een verstandelijke beperking. Alle meewerkende kunstenaars zijn werkzaam in het atelier Jans Pakhuys van zorgorganisatie Amerpoort in Amersfoort.

Op 6 oktober organiseerde de Stichting Gastvrij uit Amersfoort een ontmoeting tussen scholieren - in het kader van hun maatschappelijke stage - en volwassenen van verschillende gezindten, waarbij de tentoonstelling een centrale rol speelde.
Aan het eind van de ochtend vertrok een bus met de deelnemers naar Amsterdam, waar ze een uitgebreide rondleiding langs de schilderijen kregen. Daarna was het mijn taak om het verhaal bij twee van de werken te vertellen en tot slot hadden we - terug in Amersfoort - een discussie over geloof en religie, onder het genot van een heerlijke maaltijd in de Onthaasting .
De dag was een interessante ervaring in verschillende opzichten.

Ik moet erkennen dat ik weinig "kennis" heb van mensen met een verstandelijke beperking: het is simpelweg altijd iets geweest dat zich ver van mijn bed afspeelde. Misschien wel daarom vond ik het buitengewoon boeiend om van de gids de persoonlijke verhalen te horen over een aantal van de kunstenaars: hun gewoontes, hun typische trekjes en hoe dat zijn weerslag had op hun kunstwerken. Een aantal van de kunstwerken in de expositie sprak me zeer aan, bijvoorbeeld door het krachtige kleurgebruik of doordat ze - heel intrigerend - helemaal volgekrabbeld waren met woorden en zinnen: de gedachtenstroom van de maker.

Daarnaast moet ik erkennen dat ik maar weinig kennis heb van de bijbel. Ik ben weliswaar in het oer-katholieke Zuid-Limburg opgegroeid en heb zelfs nog les gehad van de paters op de middelbare school, maar in de afgelopen 20 jaar is van mijn godsdienstige kennis heel veel heel erg diep weggezakt. Het aannemen van een opdracht om bijbelverhalen te vertellen was dus wel een uitdaging. Het werd nog wat spannender toen bleek dat onder mijn toehoorders behoorlijk wat mensen zouden zijn die aanzienlijk meer over de bijbel en haar verhalen weten dan ik!

Met de lijst van tentoongestelde schilderijen, mijn kersverse bijbel in de nieuwe vertaling en de bijbel online (de laatste is erg handig in verband met de zoekfunctie) ging ik aan de slag. Er was me gevraagd om twee verhalen uit het Oude Testament uit te kiezen. Sommige daarvan zijn overbekend en ik dacht dat daar als verhalenverteller niet veel eer aan te behalen zou zijn. Bovendien wilde ik graag een verhaal met een kop en een staart, een begin en een eind en een ontwikkeling - liefst een beetje spannend - daar tussenin. Uiteindelijk viel mijn keuze op Jona en de vis (en de rest van het boek Jona erbij) en Susanna in bad (uit ToevDaniël).

Het verhaal van Susanna was gelijk mijn favoriet: een mooi afgerond verhaal met de nodige intrige - inclusief sex en verraad! Wat wil je nog meer als verteller? Maar toen ik het wilde gaan instuderen kwam ik er tot mijn verbazing achter dat het niet in mijn spiksplinternieuwe bijbel stond. Hoe kan dat nou?!
De kneep zat hem in het woord "toev" - toevoegingen. Wat onderzoek op het wereldwijde web leerde me dat een aantal verhalen van oudsher wel wordt opgenomen in de katholieke bijbel, maar niet in de protestantse. Een medewerkster van het Bijbels Museum bevestigde dit en vertelde me bovendien dat dit de zogeheten deutero-canonieke of apocriefe boeken zijn. Tja, die woorden had ik wel ooit eerder gehoord, maar nooit geweten wat het inhield.

Weer wat geleerd dus. En ik was niet de enige. Na mijn vertelling van Susanna sprak één van de aanwezigen mij aan en vertelde me dat hij - in tegenstelling tot mij - vrij goed op de hoogte was van wat er in de bijbel staat geschreven. Hij moest echter tot zijn eigen verbazing bekennen dat hij het verhaal van Susanna niet kende, hoewel de titel hem bekend voorkwam. Ik vond het toch wel enigszins amusant dat ik - als leek op dit gebied - vervolgens kon vertellen hoe de vork in de steel zat.

En mocht je jezelf nu ook afvragen óf en waarvan je het verhaal kent: het beeld van de "kuise Susanna" of "Susanna en de oudsten" is door de eeuwen heen ook een populair thema geweest voor vele schilders, waaronder Rembrandt en Rubens.

(Peter Paul Rubens: Susanna en de oudsten - 1607)

maandag 4 oktober 2010

Kinderboekenweek 2010

Aanstaande woensdag begint officieel de kinderboekenweek van 2010, met als thema "De grote tekententoonstelling - beeldtaal in kinderboeken".
Als verteller heb ik even zitten worstelen met dit thema: ik doe immers niets met illustraties. Of toch wel? Ik zeg het zelf in één van mijn folders: " vertellen is schilderen met woorden". Het beeld dat ik maak is niet voor iedereen hetzelfde, maar wel voor iedereen zichtbaar in zijn eigen hoofd!
Daarom heb ik net als andere jaren een programma voor de kinderboekenweek in elkaar gezet en daarbij lessuggesties geschreven rondom het uitbeelden van wat je gehoord hebt en het verwoorden van beelden in je hoofd.

Vandaag was voor mij de aftrap in Utrecht. Aan midden- en bovenbouwgroepen vertelde ik "Spikkeltje" van Annie M.G. Schmidt, en in de kleutergroepen heb ik de kinderen verwonderd met een klein knipverhaaltje. (Commentaar van één van de kleuters: "Dat heb je niet geknipt. Dat heb je getoverd!")

Voor mij is de kop eraf, maar de officiële kinderboekenweek moet nog beginnen, met de bekendmaking van de winnaar van de Gouden Griffel op het boekenbal morgenavond. Net als voorgaande jaren is er weer een geheimzinnig filmpje gemaakt over de uitslag. Het schijnt dat - hoe toepasselijk - het meisje van de Nachtwacht van Rembrandt er meer van af weet!

De namen van de winnaar van de Zilveren Griffel en de Zilveren en Gouden Penseel vind je onder het filmpje. Meer informatie over de kinderboekenweek vind je op de officiële kinderboekenweek-site.



De Zilveren Griffels 2010

Categorie tot zes jaar
Fiet wil rennen van Bibi Dumon Tak
Aadje Piraat van Marjet Huiberts

Categorie vanaf zes jaar
Hoe het varken aan zijn krulstaart kwam van Gerda Dendooven
Voordat jij er was van Daan Remmerts de Vries

Categorie vanaf negen jaar
Ziek van Gideon Samson
Tiffany Dop van Tjibbe Veldkamp

Informatief
Wild verliefd van Ditte Merle
De parel en de draak van Liebeth Ruben en Babette van Ogtrop

Poëzie
Hou van mij van Ted van Lieshout
Fluit zoals je bent van Edward van de Vendel (samenstelling)


De Gouden Penseel 2010

De boomhut van Marije en Ronald Tolman

Zilveren Penselen 2010

Fluit zoals je bent van Carll Cneut (samenstelling Edward van de Vendel)
Een wel heel bijzondere kerst van Geert Vervaeke (tekst: Kristien In-'t-Veld)

woensdag 29 september 2010

Red de kunst!

Naar het schijnt hebben we eindelijk een regeeraccoord - en gedoogaccoord niet te vergeten - maar ik word er niet blij van. Ik hou mijn hart vast voor een beleid dat lijkt te focussen op economische groei en dat intolerantie in de hand werkt.

Eén van de dingen waar de nieuwe regering drastisch op wil bezuinigen is de subsidiepot voor kunst en cultuur. Door de crisis heeft de kunstensector echter al veel te lijden gehad. Grote sponsors, zoals de VSB-bank hebben hun bijdragen ook al flink teruggeschroeft. Wanneer overheidssubsidies nu ook wegvallen, kan dit de genadeklap zijn voor veel gerenomeerde orkesten en theatergezelschappen.

We hebben kunst nodig. Het is geen "elitaire linkse hobby", zoals één van onze toekomstige leiders gezegd schijnt te hebben. Kunst laat ons genieten, de dagelijkse beslommeringen even achter ons laten, wanneer we een concert of theatervoorstelling bezoeken. Kunst kan verrassen en ons de wereld op een andere manier laten bekijken. Dat wil je toch niemand ontnemen?
Zonder subsidie wordt kunst peperduur en juist een elitaire bezigheid.

Ik ben geen "grootgebruiker" van het culturele aanbod. Maar ik zou het zeker niet willen missen. Daarom heb ik geen moment getwijfeld toen ik hoorde over de petitie "Stop Culturele Kaalslag" en heb mijn naam er ook onder gezet. Op het moment dat ik dit schrijf, staan er al 37.814 handtekeningen onder van mensen die zich zorgen maken over het komende cultuurbeleid. Staat jouw naam er ook al bij?

Help mee. Onderteken de petitie!

donderdag 23 september 2010

Verhalen in nostalgisch gemaal

Een sfeervol vertelevenement niet ver van Amersfoort:

In de 14e eeuw bouwde men bij Nijkerk een zeedijk om bij storm het woedende water van de Zuiderzee buiten de Gelderse Vallei te houden. Vanaf 1883 tot 1983 hield het Stoomgemaal Hertog Reijnout de polder Arkemheen, die achter de dijk ligt, droog.

Zaterdagavond 25 september is het monumentale stoomgemaal van 20-22 uur in een nostalgische sfeer. Het gemaal staat onder stoom en de metershoge externe schepraderen draaien op volle toeren. De stoker en de machinist doen hun werk zoals in 1883: toen het gemaal de waterwindmolens verving. Olielampen verlichten de ruimte en Jazeker uit Wageningen zorgt voor Franse muziek met een vrolijke inslag.
Daar tussendoor vertellen Tom Draisma en Corry Kistemaker, vertellers uit Lelystad, ieder een polderverhaal, het ene uit de geschiedenis van de Flevopolders, het andere over de komende overstromingsramp van 2023.
Een mooie avond midden in de polder Arkemheen: om niet te missen.

Entree inclusief warme chocolademelk met speculaas.
Kaarten van € 8 zijn te koop bij de VVV Nijkerk en bij Stoomgemaal Hertog Reijnout, Zeedijk 6, Nijkerk.
Of reserveer telefonisch bij Jan den Hartogh: 06-53225997.
Voor meer info: bezoekerscentrum Arkemheen
info: Elly van Geest, 06-23196934 bgg: Jan den Hartogh


(Bron foto: Bourdon16, via Wikimedia Commons)

dinsdag 21 september 2010

VoorleesExpress

Een maand of twee geleden was ik voor een vertelproject op zoek naar informatie over subsidiefondsen. Op de website van het VSB-fonds stuitte ik daarbij op een leuk voorbeeld-project: de VoorleesExpress. Gelijk maar een bladwijzer van gemaakt om ooit nog eens op deze plek iets over te vertellen.

De VoorleesExpress is een project waarbij kinderen met een taalachterstand wekelijks thuis worden voorgelezen door enthousiaste vrijwilligers. Dit stimuleert de taalontwikkeling van kinderen, verrijkt de taalomgeving in huis en brengt mensen met elkaar in contact. Een leuke manier om elkaar te ontmoeten!
(Meer gedetailleerde informatie over de werkwijze vind je hier)

Op dit moment is de VoorleesExpress al actief in 12 steden in Nederland, en kennelijk een groot succes bij zowel vrijwilligers als deelnemende gezinnen.

Mijn hart ging er in ieder geval gelijk sneller van kloppen. Wat een leuk project! Vooral de combinatie van leesbevordering en het in contact brengen van mensen spreekt me erg aan.
En kennelijk ben ik niet de enige. Afgelopen week las ik het bericht dat VoorleesExpress de Nationale Alfabetiseringsprijs heeft gewonnen. Ik weet niet precies waaruit de prijs bestaat, maar verdiend is hij wat mij betreft zeker! Ik hoop dat er nu nog meer steden zullen meedoen met het project.

(Onderstaand filmpje is al iets ouder, maar geeft naar mijn mening een goede impressie)

donderdag 16 september 2010

Prentenboeken online

Natuurlijk gaat er niets boven het (voor)lezen van een echt boek van papier door een mens van vlees en bloed, maar er is mijns insziens ook niets mis met animaties van prentenboeken. Inmiddels blijkt ook uit onderzoek dat digitale prentenboeken een goede aanvulling vormen, met name voor de woordenschatontwikkeling.

Ruim een jaar geleden wijdde ik daar al een artikel aan en inmiddels begint het digitale prentenboek gemeengoed te worden in de kleuterklas. Als je dat leuk vindt, kun je natuurlijk zelf aan de slag met inspreken en digitaliseren, maar er is ook al veel online te vinden.
Om het zoeken wat makkelijker te maken is een aantal mooie animaties van prentenboeken bij elkaar gezet op een site van Yurls. Handig!

Nota bene (ik keek er de eerste keer overheen): in de linker bovenhoek kun je kiezen tussen twee onderwerpen, "mensen" of "dieren". Dus er staan dubbel zoveel filmpjes op als je in eerste instantie ziet.
Veel kijk- en leesplezier!

maandag 13 september 2010

Uitnodiging voor een ontspannen reis

Tussen mijn normale werkzaamheden door, ben ik de afgelopen weken bezig geweest met iets heel anders. Samen met natuurgeneeskundige Corrie Derks heb ik gewerkt aan een klankreis: een verhaal begeleid door de rustgevende klanken van de metalen klankschalen die Corrie normaal gesproken bij haar therapie gebruikt. Naar aanleiding van een cursus over klankreizen schreef Corrie een verhaal en vroeg mij om haar te ondersteunen bij de uitvoering.

Het was wel even wennen. Waar het normaal gesproken mijn vak is om zo beeldend mogelijk te vertellen en het verhaal met details in te kleuren, is het nu juist de kunst om het verhaal zo kaal mogelijk over te brengen. Ik hoef alleen maar de richting aan te geven, zodat de luisteraar, beinvloed door de trillingen van de schalen, gelegenheid heeft zelf de beelden in te vullen. Het principe lijkt daardoor meer op een geleide visualisatie (een techniek die veel wordt toegepast bij coaching) dan op vertellen.

De "echte" uitvoering nog moet komen, maar ik heb er nu al veel plezier aan beleefd. Al bij de eerste repetitie merkte ik hoe aangenaam het was om te vertellen bij de klank van de schalen, en hoe ik automatisch stem en tempo aan de klanken aanpaste.
Een paar dagen geleden deden we een try-out met een paar proefkonijnen, die gewillig plaatsnamen op een matje op de vloer. De doelstelling van onze klankreis was "ontspanning" en die werd ruimschoots gehaald. Het was voor mij verbluffend om te zien hoe de klankschalen zo'n diepe staat van ontspanning teweeg kunnen brengen.
Qua vertellen was het wel vreemd om geen reactie van het "publiek" te krijgen, maar daar stond tegenover dat ik oog- (en oor-!)contact moest houden met Corrie, om het verhaal en klank zoveel mogelijk op elkaar af te stemmen.
Het was een bijzondere ervaring om te doen en, naar ik begreep, ook om te ondergaan.

Wil je het zelf ook een keer meemaken en eens volledig ontspannen? Dan kun je je opgeven voor één van de twee klankreizen die we de komende maand in Woudenberg organiseren. Informatie over tijd en locatie vind je hieronder.


Foto: Simon A. Eugster, Wikimedia Commons

Ontspannende klankreis:
Woensdagavond 22 september 2010 en 6 oktober 2010
Locatie: Woudstaete, Dorpsstraat 44 (zij-ingang, 2e verdieping) Woudenberg
De avond begint om 19.30 uur, tijdsduur ongeveer 1,5 uur.
Maximaal 15 deelnemers
Kosten: €10,00 per avond
We raden aan om een matje of dikke handdoek mee te nemen om op te liggen

Meer informatie of opgeven kan via de mail: welkom@corriederks.nl
Of telefonisch: 033 2864009

donderdag 9 september 2010

Babboes in de kinderboekenweek

Speciaal voor kinderboekenweek 2010 heeft Babboes twee verhalen uitgezocht, die passen bij de tijd van het jaar.

Voor groep 1 en 2: De spin in de appelboom
Een spin verhuist en maakt een nieuw web in de appelboom. Maar eigenlijk zou ze wel wat meer kleur in haar huisje willen hebben. Op wonderlijke wijze komt haar wens in vervulling.
Voor groep 3 t/m 8: Spikkeltje (Annie M.G. Schmidt)
Een koning en koningin willen graag een kindje. Met hulp van de heks uit de perenboom in de paleistuin krijgen ze een prinsesje. Maar op een dag in de herfst gaat het meisje er met de trekvogels vandoor. Gelukkig weet een pientere prins de prinses terug te vinden.
Bij beide verhalen horen lessuggesties in het kader van het thema van deze kinderboekenweek – De grote tekententoonstelling

Boek nu een all-in pakket voor slechts €350,=
  • één of meerdere voorstellingen van "Spikkeltje" in aula of speelzaal voor de midden- en bovenbouw - duur ca. 20 minuten
  • “De spin in de appelboom” - ca. 10 minuten - met een kleurige visuele verrassing aan het eind, in iedere kleutergroep
  • een reader met suggesties voor beeldende verwerkingsactiviteiten voor beide verhalen.
  • inclusief BTW en reiskosten
Met één boeking bent u klaar voor de hele school!
Bel of mail voor meer informatie: 06 – 814 362 00 / info@babboes.nl

(Prijs geldt voor voorstellingen van 4 t/m 15 oktober 2010 en mits in te plannen op één dagdeel op één lokatie. Neem gerust contact op om te overleggen over uw situatie.)

woensdag 8 september 2010

De grote tekententoonstelling

De grote tekententoonstelling - beeldtaal in kinderboeken is het motto van de kinderboekenweek die over een maand plaats vindt (van 6 t/m16 oktober). De mooiste "tekententoonstelling" zal te zien zijn in het Rijksmuseum in Amsterdam, waar kinderen de originele prenten kunnen bekijken van de winnaars van de Gouden Penseel en Zilveren Penselen 2010.

Dit jaar kregen Marije en Ronald Tolman het Gouden Penseel voor De boomhut. Zilveren Penselen zijn er voor Carll Cneut Fluit zoals je bent en Geert Vervaeke Een wel heel bijzondere kerst.

Penselen in het Rijksmuseum
is te zien van 6 oktober tot en met 6 december. Bij de tentoonstelling hoort ook een workshop, waarin kinderen zelf tekeningen maken bij een verhaal. Voor meer informatie en de openingstijden: zie de website van het Rijksmuseum.

Daarnaast zijn er talloze andere "tekententoonstellingen" te zien, waarin één of meerdere kinderboekenillustratoren centraal staan. Leuk om te bezoeken met je kinderen tijdens de kinderboekenweek, of om zelf inspiratie op te doen voor het thema.

Een selectie:
  • Thé Tjong Khing - één van mijn persoonlijke favorieten - is de komende periode te zien op maar liefst twee tentoonstellingen. Van 6 oktober tot 27 februari in Zuiderzee met Taart in het Zuiderzeemuseum te Enkhuizen en van 6 oktober tot en met 21 november in De Sprookjesverteller in de Kunsthal in Rotterdam.
  • Fiep Westendorp, vooral bekend door haar samenwerking met Annie M.G. Schmidt, heeft een eigen permanente tentoonstelling in het Stadskasteel Zaltbommel. Daarnaast is er van 26 september tot en met 5 december een tijdelijke expositie met hoogtepunten uit haar werk te zien in Museum de Buitenplaats te Eelde.
  • Het werk van Dick Bruna is wereldberoemd. Hij heeft daarmee zijn eigen plekje verdiend in de vorm van het Dick Bruna huis, tegenover het Centraal Museum in Utrecht.
Nog veel meer actuele tentoonstellingen in Nederland en België rondom kinderboeken en hun illustratoren vind je op Leesplein-Laten Lezen.

vrijdag 3 september 2010

Sagen en legenden op Radio 5

Een week geleden schreef ik al over vertellers op de radio. Inmiddels heb ik iets meer informatie over het programma op Radio 5, dat binnenkort van start zal gaan.

Op donderdagmiddag 9 september start Radio 5 Nostalgia met een serie korte vertellingen, sagen en legenden van 5 minuten, steeds uit een andere provincie. De serie zal een heel jaar lopen en is te horen in het programma Plein 5, gepresenteerd door Hijlco Span van 14.00 tot 16.00.

Het eerste verhaal komt uit Zuid-Holland en en wordt om 14.45 uur verteld door Desirée van Keulen, ook wel bekend als "ambassadrice van Het Verhalenrijk". De titel van het verhaal: "Leyden in last..." Een waar gebeurd volksverhaal, waarvan je als bewijs nog steeds op de gevel van nr. 177 in de Breestraat in Leiden de spin kunt zien zitten!

Wie wil luisteren: je hoort het op 747 AM of 747 kHZ middengolf en in Zuid-Limburg ook op 1251AM. En natuurlijk op de kabel in heel Nederland of online.

UPDATE
Inmiddels is ook al verder bekend welke vertellers de komende periode te horen zijn:
  • Desiree van Keulen 9/9
  • Janna van der Berg 16/9
  • Kees van Wanrooij
  • Pauline Seebregts
  • Rineke Koek 7/10
  • Rob Meurders
  • Jose Biever 21/10
  • Boudewijn Betzema 28/10
  • Nico Herwig 4/11
  • Jeanet Landman 11/11
  • Douwe Kootstra
  • José Raben
Er is ook besloten om een archief aan te leggen, waarin de vertelde verhalen te horen blijven. Je vindt het archief hier. Mocht de link niet (meer) werken, dan blijft het archief in ieder geval bereikbaar via de homepage van het radioprogramma Plein 5.

vrijdag 27 augustus 2010

Aan de luidspreker gekluisterd

Toen ik een jaar of zeven, acht was had ik een LP met sprookjes, waarnaar ik eindeloos kon luisteren. Vooral het dramatische "Het meisje met de zwavelstokjes" herinner ik me nog goed. Maar ook het wat luchtigere verhaal van "De gelaarsde kat", want daarin zat een kras. Daardoor herhaalde de vertelster in een soort rap-avant-la-lettre alsmaar: "Ik heb geen laars in de maat van de kat, ik heb geen laars in de maat van de kat, ik heb geen...". Net zolang tot ik er genoeg van had en de naald van de pick-up voorzichtig een tikje gaf en het verhaal weer verder ging.

Ik denk dat het mijn oudste concrete herinnering aan een verteld verhaal is. Toen al ervaarde ik die betovering, waarbij je enkel door een stem wordt meegevoerd naar een andere wereld. Het heeft zich nog vaak herhaald en nog steeds kan ik ademloos luisteren naar verhalen en hoorspelen.

Helaas moet ik bekennen dat ik desondanks nog maar zelden de radio aanzet om echt te luisteren. Daardoor ben ik ook niet meer echt op de hoogte wat er nog te beluisteren valt, behalve muziek en actualiteiten.
Het toeval wil echter dat ik in een week tijd twee keer een bericht in mijn mailbox kreeg over radioprogramma's met verhalenvertellers. Tot mijn grote verbazing wordt er dus nog echt verteld op de radio!

Het eerste bericht was een oproep voor vertellers voor een programma op Radio 5 Nostalgia, dat vanaf september gaat beginnen. Ik had niet gelijk door dat "Nostalgia" tegenwoordig de naam van de zender is en niet het betreffende programma en daardoor weet ik nu niet wanneer de vertellers te beluisteren zijn. Jammer.

Het tweede bericht heb ik gelukkig niet te snel in mijn digitale prullenbak gegooid. Dit ging over een uitzending met verhalenvertellers op Radio 1 RadioLab die een prijs heeft gewonnen. Vier mensen vertelden een persoonlijk verhaal. Gewoon mooi. De hele uitzending is nog steeds te beluisteren op de site van RadioLab . (Overigens is het bijbehorende geschreven commentaar van Rob Trip ook de moeite waard - ik ben het helemaal met hem eens!)

Uit het persbericht over de uitreiking van de Radio 1 RadioLab Prijs:

Het luisteraarpanel waardeerde de uitzending Verhalenvertellers, dat live vanuit café Eik en Linde in Amsterdam werd gepresenteerd, het hoogst. In het programma, dat op 30 mei j.l. werd uitgezonden, hoorden luisteraars waargebeurde verhalen van vertellers met als thema 'iets nieuws'. De uitzending riep positieve reacties op: ‘verhalen vertellen is onderhoudend, leuk’, ‘de verhalen an sich zijn mooi, authentiek’ en de meerderheid van de respondenten vonden Verhalenvertellers een origineel programma.

Er is een redelijke kans dat het programma dankzij de prijs een vervolg krijgt. In de gaten houden dus! En wat mij betreft mag het ergens aan het eind van de avond uitgezonden worden: lekker een uurtje luisteren, nog even erover na-mijmeren en dan naar bed.

donderdag 26 augustus 2010

Zo maar een verhaal

Wanneer ik een verhaal zoek voor een bepaald project, kom ik soms prachtige verhalen tegen, waarvan ik het gewoon jammer vind dat ik ze op dat moment niet kan gebruiken. Meestal maak ik wel ergens een notitie ervan, maar er bestaan veel meer mooie verhalen dan ik ooit nog vertellen kan!
Vandaag kwam ik onderstaand aandoenlijke verhaal (in verschillende varianten) tegen, bij mijn speurtocht naar een verhaal over een appelboom. Helaas niet wat ik zocht, maar te mooi om zo te laten liggen.

dinsdag 17 augustus 2010

Een verhaaltje voor het slapen gaan

Het merendeel van de Nederlandse ouders zal - net als ik - zijn kinderen voorlezen voor het slapen gaan. Het is een knus moment van saamhorigheid, waarbij je tegelijkertijd ook nog mooi de interesse voor lezen stimuleert bij je kinderen. Maar hoeveel ouders zouden hun kinderen een verhaaltje vertellen voor het slapen gaan - zonder boek, uit het hoofd dus?

De Amerikaanse beroepsverteller Sean Buvala heeft een boek geschreven over de positieve effecten van vertellen aan je kinderen en hoe je dat aan kunt pakken. Op de bijbehorende website staat een tiental YouTube filmpjes met basistips. Daarmee kun je gelijk aan de slag, ook als je het boek (nog) niet hebt gelezen.

Sean Buvala richt zich in zijn boek en instructievideo's specifiek op vaders, vandaar de titel DaddyTeller. Volgens hem hebben kinderen vaak minder emotionele binding met hun vader dan met hun moeder en hij ziet vertellen als de ideale manier om daar verandering in te brengen. Volgens mij zijn de meeste tips die hij geeft echter net zo goed van toepassing voor moeders, opa's en oma's, en ieder ander die de zorg heeft voor kinderen.
Zelfs professionals - leerkrachten en pedagogisch werkers - die met vertellen aan de slag willen, kunnen er hun profijt mee doen: ook in hun werkveld is emotionele betrokkenheid immers van belang en vertellen kan daar een rol bij spelen.

De tien tips van Sean Buvala in het kort (met links naar de Engelstalige videos):
  1. Leg je boek neer en begin gewoon. Zelfs professionals zijn ooit eenvoudig begonnen om de kunst te leren.
  2. Durf je kind aan te raken. Sla een arm om hem/haar heen, geef een aai of een kriebel. Lichaamscontact schept een band.
  3. Stel open vragen over het verhaal. Dit stimuleert de taal-denkontwikkeling van je kind.
  4. Wees niet bang om spannende verhalen te vertellen. Kinderen leren daardoor in veilige omgeving om te gaan met angst.
  5. Oogcontact en fysieke nabijheid bevorderen het gevoel van saamhorigheid en liefde.
  6. Een verhaal vertellen kan altijd en overal, niet alleen voor het slapen gaan!
  7. Maak tijd voor je kind, ook al heb je het druk. De tijd die je geeft als ze klein zijn, vliegt voorbij en komt nooit meer terug.
  8. Een verteld verhaal is iedere keer een avontuur. Ook al vertel je steeds hetzelfde verhaal, door bewuste of onbewuste variaties bijvoorbeeld ten gevolge van je eigen stemming is het toch steeds net anders en blijft het spannend. Dit houdt je kind alert.
  9. Blijf jezelf. Je hoeft geen gekke bekken te trekken en stemmetjes te maken als dat niet bij je past. Als je je zeker genoeg voelt, kun je gaan experimenteren.
  10. Geef je kind mooie herinneringen. Je kind zal zich later dingen over jou herinneren, die je zelf misschien onbetekenend vindt. Een verteld verhaal kan zo'n herinnering zijn.

donderdag 29 juli 2010

Heksen en zo...

De afgelopen weken was ik op vakantie in het Harzgebergte in midden-Duitsland. Wanneer je deze streek bezoekt, kunnen ze je niet ontgaan: heksen. Her en der zijn ze te zien als decoratie op gevels en vensterbanken, als figuur in pretparken en in duizend-en-één variant in de souvenirwinkeltjes.

Deze regionale populariteit van heksen is te danken aan de reputatie van de hoogste berg van de Harz, de Brocken van 1141m, die sinds eeuwen bekend staat als ontmoetingsplaats voor heksen. Volgens de legende komen ieder jaar op 30 april heksen van heinde en verre naar de Brocken of Blocksberg om daar de Walpurgisnacht te vieren.
Op bezems, hooivorken of geiten vliegen ze naar de top van de berg, waar ze rondom een groot vreugdevuur dansen en op audiëntie gaan bij de duivel, die daar zijn zetel heeft. Door de duivel op zijn achterwerk te kussen doen ze genoeg nieuwe magische kracht op om het volgende jaar door te komen.

De Brocken en zijn Walpurgisnacht zijn overigens buiten de landsgrenzen beroemd geworden door de Duitse schrijver Goethe, die er in de negentiende eeuw over schreef in zijn Faust. Heden ten dage wordt de Walpurgisnacht op modernere wijze gevierd, met een rock-opera uitvoering van Goethe's Faust bovenop de Brocken.

Ik kon het natuurlijk niet laten om een boek te kopen met sprookjes en sagen uit de streek*. Behalve heksen herbergde de Harz, die bekend staat om zijn mijnbouwverleden, uiteraard ook dwergen en verder reuzen en de zogeheten "Venezianer". De laatsten zijn mysterieuze kooplieden met magische eigenschappen die erg doen denken aan de fairies uit Ierse volksverhalen.

In het boekje staat ook een beschrijving van een experiment uit 1960, waarbij men een heksenzalf heeft nagemaakt volgens een Middeleeuws recept, zoals dit is overgeleverd in het verslag van een rechtszaak tegen een heks. De zalf bleek bijzonder hallucinerend te werken: de proefpersonen kregen het gevoel dat ze lange stukken door de lucht vlogen en hadden visioenen van wilde feesten. Met deze proef zijn de vele eensluidende bekentenissen van veroordeelde heksen te verklaren.
Ook de verhalen over verzamelplaatsen of "Hexentanzplätze" zijn te verklaren. Van oudsher werden jonge vrouwen op een afgelegen, geheime plek in de bossen door ervaren vrouwen ingewijd in de heilige kennis van kruiden en planten en voorbereid op het leven als getrouwde vrouw. Door de heksenvervolging is veel van die oeroude kennis over de natuur helaas verloren gegaan.

Het zijn dus allemaal verzinsels, die verhalen over heksen. Dat weet ik wel, maar stiekem is het toch veel leuker om te denken dat het allemaal echt waar is? Zeker wanneer je, zoals wij, in de avond na een regenachtige dag door het donkere bos rijdt, terwijl de mistflarden van de grond opstijgen: dan is het niet erg moeilijk om er echt in te geloven.


(Uitzicht vanaf de Brocken met op de voorgrond de "Hexentreppe" en "Teufelskanzel")

* Hans-Günther Griep - Harz. Mythologie, Märchen & Sagen

maandag 5 juli 2010

Jong geleerd...

Afgelopen weekend vierde een van de oma's haar vijfenzeventigste verjaardag met een groot tuinfeest. Aan de kinderen en kleinkinderen was gevraagd of ze tijdens het feest een "stukje" wilden doen - er wordt vooral veel gezongen in de familie - en na enige aarzeling besloot ik mezelf toch maar op te geven en een verhaal te vertellen.

Het verhaal viel in de smaak. Prinsen en heksen doen het altijd goed bij kinderen en het volwassen publiek kon afgaande op het gegniffel de dubbelzinnige passages wel waarderen. Na afloop kreeg ik verschillende positieve en/of verraste reacties. Altijd leuk natuurlijk, maar het allerleukste was de reactie van een zesjarig neefje.

In het vervolg van de avond vroeg het neefje nog een paar keer de aandacht van de aanwezigen - zonder microfoon deze keer (net als ik overigens) - klom op een stoel en vertelde een "verhaal". Zijn verhaaltjes waren slechts een paar regels lang, maar de rust en zelfverzekerdheid waarmee hij ze presenteerde was verbluffend.
Voor mij was het feest geslaagd: ik heb iemand geïnspireerd!

vrijdag 2 juli 2010

Juffrouw Scholten

Op het moment dat ik dit schrijf beleven we in Nederland ongekend warme dagen. Mijn online thermometer zegt dat het nu buiten 32℃ is in Amersfoort, de thermometer op mijn bureau telt daar nog een graad of drie bovenop. Het is al een dag of drie zo.

Geïnspireerd door de hitte zingt er sinds gisteren een dichtregel door mijn hoofd: "Juffrouw Scholten is gesmolten, zomaar midden op de dam..." Ik wist vrij zeker dat het van Annie M.G. Schmidt was (van wie anders, zou je haast zeggen) en dat er nog iets was met haar "tasje", dat daar lag in het "plasje" dat restte van de juffrouw. Vooral dat beeld van het tasje in het plasje, wilde maar niet uit mijn gedachten.

Zojuist heb ik het bijbehorende boekje opgezocht in een doos onder het bloedhete dak van de zolder. Het is het kinderboekenweekgeschenk van 1983 (wie wat bewaart heeft ook wat!), geschreven door Kees Fens en geïllustreerd door Margriet Heymans - ook niet de minsten trouwens. De titel is "Mijnheer Van Dale en juffrouw Scholten" en het gaat over woorden en wat je daar allemaal mee kunt doen.
Er staat slechts een stukje van het gedicht van Annie M.G. Schmidt in, maar de tekening op de voorkant spreekt erg tot de verbeelding - zeker bij de huidige temperatuur. Maar de complete tekst van "Pas op voor de hitte" was dankzij de wonderen van het wereldwijde web toch makkelijk te vinden:
Pas op voor de hitte

Denk aan juffrouw Scholten,
die is vandaag gesmolten,
helemaal gesmolten, op de Dam.
Dat kwam door de hitte,
daar is ze in gaan zitten
- als je soms wil weten hoe dat kwam.
Ze hebben het voorspeld: Pas op, juffrouw, je smelt!
Maar ze was ontzettend eigenwijs...
Als een pakje boter,
maar dan alleen wat groter,
is ze uitgelopen, voor het paleis.

Enkel nog haar tasje
lag daar in een plasje...
Alle kranten hebben het vermeld
op de eerste pagina.
Kijk het zelf maar even na.
Ja, daar staat het, kijk maar: dame smelt.

Die arme juffrouw Scholten...
helemaal gesmolten...
Als dat jou en mij eens overkwam...
Laten we met die hitte
overal gaan zitten...
maar vooral niet midden op de Dam.



Ik heb overigens eerder deze week - met succes - mijn kinderen wijsgemaakt dat zweet smeltwater van mensen is. Gelukkig hebben ze ook nog een vader, die geen verhaaltjes vertelt!

maandag 21 juni 2010

Geen indianenverhaal

Bij mijn zoektocht naar mooie verhalen, lees ik regelmatig verhalen van de mensen die wij Indianen noemen: de oorspronkelijke bewoners van Noord- en Zuid-Amerika. Net als veel andere volksverhalen gaan hun verhalen vaak over (onverklaarbare) natuurverschijnselen, dieren en de ontstaansgeschiedenis van de wereld.

Met name de Noord-Amerikaanse Indianenverhalen treffen me vaak door de spiritualiteit en het diepe respect voor moeder aarde en haar bewoners waarmee ze zijn doordrongen. Dit werkt zelfs door in moderner werk van schrijvers met een "native American" oorsprong, zoals Cherokee auteur Craig Strete, waarvan ik het verhaal "Kleine Raaf en de Noordenwind-Reus" deze maand een aantal keer opvoer. De namen van de dieren zijn haast poëtisch (" zalmen met fluwelen ruggen") en ook in dit verhaal wordt benadrukt hoezeer de mens afhankelijk is van wat de natuur ons biedt (in dit verhaal het water en de vis in de rivier).

Al met al is dit iets waar we wat mij betreft wel wat vaker bij stil mogen staan, in onze moderne, geïndustrialiseerde samenleving: we hebben maar één aarde, laten we daar alsjeblieft voorzichtig en respectvol mee omgaan. De recente en alsmaar voortdurende tragedie rondom de BP olieramp laat helaas maar al te goed zien hoe het niet moet.

Daarom heb ik, toen ik vandaag onderstaande oproep las op de weblog van een Amerikaanse kennis, geen moment geaarzeld om hem ook hier te kopiëren. Het gaat niet over verhalen, maar het gaat me wel aan het hart. Lees het en sta er even bij stil op deze midzomerdag.

This is an open letter from Chief Arvol Looking Horse (Present Chief and Keeper of the Sacred White Buffalo Calf Pipe of the Lakota, Dakota, Nakota Nation of the Sioux):

Gulf Coast Oil Spill – Sioux Prayer Request
A Great Urgency
To All Nations

My Relatives,

Time has come to speak to the hearts of our Nations and their Leaders. I ask you this from the bottom of my heart, to come together from the Spirit of your Nations in prayer.

We, from the heart of Turtle Island, have a great message for the World; we are guided to speak from all the White Animals showing their sacred color, which have been signs for us to pray for the sacred life of all things. As I am sending this message to you, many Animal Nations are being threatened, those that swim, those that crawl, those that fly, and the plant Nations, eventually all will be affected from the oil disaster in the Gulf.

The dangers we are faced with at this time are not of spirit. The catastrophe that has happened with the oil spill which looks like the bleeding of Grandmother Earth, is made by human mistakes, mistakes that we cannot afford to continue to make.

I asked, as Spiritual Leaders, that we join together, united in prayer with the whole of our Global Communities. My concern is these serious issues will continue to worsen, as a domino effect that our Ancestors have warned us of in their Prophecies.

I know in my heart there are millions of people that feel our united prayers for the sake of our Grandmother Earth are long overdue. I believe we as Spiritual people must gather ourselves and focus our thoughts and prayers to allow the healing of the many wounds that have been inflicted on the Earth. As we honor the Cycle of Life, let us call for Prayer circles globally to assist in healing Grandmother Earth (our Unc’I Maka).

We ask for prayers that the oil spill, this bleeding, will stop. That the winds stay calm to assist in the work. Pray for the people to be guided in repairing this mistake, and that we may also seek to live in harmony, as we make the choice to change the destructive path we are on.

As we pray, we will fully understand that we are all connected. And that what we create can have lasting effects on all life.

So let us unite spiritually, All Nations, All Faiths, One Prayer. Along with this immediate effort, I also ask to please remember June 21st, World Peace and Prayer Day/Honoring Sacred Sites day. Whether it is a natural site, a temple, a church, a synagogue or just your own sacred space, let us make a prayer for all life, for good decision making by our Nations, for our children’s future and well-being, and the generations to come.

Onipikte (that we shall live),

Chief Arvol Looking Horse
19th generation Keeper of the Sacred White Buffalo Calf Pipe

woensdag 9 juni 2010

Hoera, de moedertaal mag weer!

Tijdens mijn loopbaan in het basisonderwijs heb ik tien jaar gewerkt op wat oneerbiedig een "zwarte" school genoemd wordt. Ik heb het laatste Nederlandse kind van deze school in mjin kleutergroep gehad: daarna was de schoolbevolking jarenlang 100% allochtoon.
Vanzelfsprekend hadden we daardoor regelmatig te maken met ouders die de Nederlandse taal niet of nauwelijks spraken en veel van deze ouders worstelden zelf met de vraag welke taal ze moesten spreken met hun (jonge) kind. Ons advies luidde meestal om vooral de eigen taal te spreken en ook in de eigen taal voor te lezen en spelletjes te doen. (Dit werd in de praktijk gestimuleerd door middel van ouderbetrokkenheidsprogramma's zoals Rugzak, waarvan het concept later is overgenomen in VVE-Programma's)

Onze redenering was dat een ouder die zijn moedertaal gebruikt, zich beter kan uitdrukken, diepgaander gesprekken met kinderen kan voeren, emoties beter kan benoemen, etcetera. (Probeer je maar eens voor te stellen hoe het is om je eigen kind te troosten in een voor jou vreemde taal.) Zo'n ouder zal zijn kinderen beter kunnen begeleiden bij het opgroeien. Het kind ontwikkelt naar alle waarschijnlijkheid een normaal tot goede taalvaardigheid - al is het dan in de moedertaal - en leert normaliter alle dingen die een Nederlands kind ook leert, zoals tellen, het benoemen van kleuren en vormen, het benoemen van gevoelens. Deze kinderen komen misschien wel met een taalachterstand binnen op de basisschool, maar niet (of minder, want het sociaal milieu speelt ook een rol) met een ontwikkelingsachterstand.

Zelfs wanneer ouders enigszins Nederlands spraken, adviseerden we ze toch hun eigen taal te gebruiken. In praktijk bleek namelijk vaak dat kinderen die in zowel Nederlands als de moedertaal opgevoed werden, vaak beide talen gebrekkig spraken: dus ook de moedertaal! Liever één taal goed geleerd, dan twee talen half.

De leidende gedachte voor de kleuterleerkrachten op onze school was dus dat kinderen die als peuter hun eigen taal goed geleerd hebben, op school alleen de vertaalslag hoeven te maken. Deze gedachte werd bevestigd in de praktijk.
Circa eenderde van de instroom in groep 1 was van Turkse afkomst en tweederde Marokkaans-Berbers. Een groot deel van de Turkse kinderen kwam "onaanspreekbaar" - dat wil zeggen zonder enige kennis van het Nederlands - binnen, terwijl veel Marokkaanse kinderen al een aardig woordje Nederlands spraken. Volgens collega's in de bovenbouw bleven de Turkse leerlingen wel moeite houden met de taal, maar lagen hun leerprestaties uiteindelijk in het algemeen hoger.

Uiteraard is dit allemaal natte vingerwerk en spelen er ook een heleboel andere factoren een rol, zoals de cultuur binnen het gezin.
Daarom was ik blij verrast toen ik eerder deze week een artikel las over een wetenschappelijk onderzoek waarin precies het bovenstaande bevestigd wordt:

Allochtone kleuters van wie de ouders relatief vaak Nederlands spreken thuis, beheersen de taal niet beter dan kinderen die thuis vooral de eerste taal (Turks of Berbers) te horen krijgen. Veel belangrijker is het niveau waarop ouders met hun kinderen communiceren.

Kleuters die veel worden voorgelezen en wier ouders op een meer abstract niveau met hen praten in de moedertaal, kunnen die kennis inzetten bij het leren van Nederlands. Die conclusie trekt pedagoge Anna Scheele in het onderzoek waarop zij 11 juni promoveert aan de Universiteit Utrecht.

(Bron: De Volkskrant, lees ook het volledige artikel)
Wij hebben het als leerkracht dus altijd goed aangevoeld!

Neemt niet weg dat het belangrijk blijft voor ouders om Nederlands te leren: om bijvoorbeeld beter te kunnen communiceren met de leerkracht van hun kinderen, maar vooral ook voor een volwaardige plek in de maatschappij. Wanneer je de taal niet spreekt, blijf je afhankelijk van de hulp van anderen.
Maar dat gezeur over verplicht Nederlands spreken met je kind (wie moet dat controleren trouwens?) moet nu eindelijk maar eens afgelopen zijn. Het is gewoon niet nodig en dat is nu gelukkig ook aangetoond.

Lees meer in de samenvatting van het proefschrift (downloadbaar pdf-bestand).

dinsdag 8 juni 2010

Voorleescoaches

In de meeste instellingen voor kinderopvang wordt regelmatig voorgelezen, maar lang niet altijd is het een structurele, terugkerende activiteit. Het kan nog veel beter, en daarom heeft Stichting Kinderopvang Nederland (skon) een training Voorleescoach ontwikkeld. De training bestaat uit twee dagen en een terugkomdag en is ontwikkeld in samenwerking met Stichting Lezen, Sardes, Biblion Gelderland en Vereniging Openbare Bibliotheken.

De cursus gaat niet zozeer in op het voorlezen zelf, maar op de aspecten die belangrijk zijn om een goede voorleescultuur tot stand te brengen. Onderwerpen die aan bod komen zijn: het kiezen van boeken voor een evenwichtige collectie, samenwerking met bibliotheek en boekhandel, welke activiteiten kun je organiseren rondom boeken, het maken van een jaarplanning, waar vind je op internet goede suggesties over boeken.

De voorleescoach organiseert niet zelf alle activiteiten, maar is vooral een spin in het web die in de gaten houdt dat er activiteiten plaatsvinden op een opvanglocatie. Bovendien is de voorleescoach de contactpersoon voor externe organisaties, zoals de bibliotheek.
Bijna alle locaties van skon hebben inmiddels een voorleescoach en nu wil skon ook pedagogisch medewerkers van andere organisaties gaan trainen.

Meer informatie over de training vind je op de website van skon.

(Bron: "Kinderopvang", juni 2010)

maandag 17 mei 2010

De week van Pluk

Van 19 tot en met 30 mei is het Annie M.G. Schnidtweek. Voor wie het ontgaan was: dit is een jaarlijks terugkerende week, waarin allerlei activiteiten georganiseerd worden rondom het werk van Annie M.G. Schmidt. Net als de jaarlijkse kinderboekenweek en Nationale Voorleesdagen duurt deze "week" overigens 10 dagen (van woensdag tot het weekend een week later) en staat er ieder jaar een ander thema centraal.

Het thema voor de Annie M.G.Schmidtweek 2010 is Pluk van de Petteflet.
Op de website van Uitgeverij Querido is informatie te vinden over Annie M.G. Schmidt, haar boeken en deze feestweek. Je vindt er ook een pagina met downloads, waaronder een PDF met lessuggesties.

Meer lessuggesties rondom Pluk van de Petteflet kun je vinden op onder andere leerkracht.nl
Op leesplein en op de officiële Annie M.G. Schmidtwebsite vind je uitgebreide informatie over de schrijfster en haar werk.
Eén van de activiteiten die georganiseerd wordt is een expositie over Pluk van de Petteflet in Madurodam van 19 mei tot en met 5 september.

dinsdag 11 mei 2010

Mijn haat-liefde verhouding met Walt Disney

Ik vertel regelmatig sprookjes en merk vaak dat kinderen vooral de sprookjes kennen zoals ze verfilmd zijn door Walt Disney. Dat kan best lastig zijn als verhalenverteller, wanneer je bijvoorbeeld Assepoester wilt vertellen zoals ze door de gebroeders Grimm is beschreven en je toehoorders zich alsmaar (hardop) blijven afvragen wanneer nu toch die pompoen komt die in een koets verandert: die zit er bij Grimm immers niet in.

Nog verassender wordt het wanneer je niet het bekende sprookje van Assepoester vertelt, maar een Iers sprookje met hetzelfde motief. Het is altijd weer leuk om te zien hoe plotseling bij één of meerdere van de zevenjarige toehoorders de ogen beginnen te twinkelen en er iets wordt gestameld in de trant van: "Maar dat is toch.. Ik weet het! Dat is.. eh eh... hoe heet ze ook al weer?"

Desondanks blijf ik het jammer vinden dat voor veel kinderen de kennis van sprookjes beperkt blijft tot de varianten uit de fabriek van Disney. Zelfs veel boekjes lijken daarop te zijn gebaseerd. Maar Walt Disney is niet slechts een bron van frustratie voor me. In tegendeel: af en toe is het juist een bron van inspiratie.

Toen ik anderhalf jaar geleden op zoek was naar een verhaal over toveren dat geschikt was voor kleuters, kwam ik uiteindelijk terecht bij een scène uit de film Fantasia uit 1940 (!) van, jawel, Walt Disney.
De belevenissen van tovenaarsleerling Mickey Mouse - die op hun beurt weer gebaseerd zijn op een gedicht van Goethe uit 1797 (Der Zauberlehrling) - vormden uiteindelijk de basis voor mijn voorstelling "Thomas tovert".



Toen ik vlak voor de meivakantie voor mijn nieuwsbrief bezig was met wat online research naar het verhaal van het Rode Kippetje, kwam ik tot mijn verbazing weer bij Walt Disney terecht, deze keer bij een nog ouder filmpje, uit 1934!
Ik heb vol bewondering zitten kijken hoe Walt Disney de hoofdpersonen uit het verhaal (letterlijk) verbeeldt. De manier waarop hij typetjes neerzet en hoe hij aandacht heeft voor details is geniaal. Wanneer je hetzelfde zou doen met woorden in plaats van met pen en inkt, dan ben je beslist een top-verhalenverteller.
Tenslotte nog een leuke wetenswaardigheid: dit is toevallig het filmpje waarin Donald Duck geïntroduceerd werd.


maandag 26 april 2010

Brede scholen worden breder

Al meer dan een decennium zijn de zogeheten brede scholen bezig aan een opmars, onder een veelheid aan namen: vensterschool, forumschool, ABC-school.

Een brede school wil niet alleen een onderwijsinstelling zijn, maar een centrum waar kinderen (en ouders) van 8 tot 8 terecht kunnen voor onder andere opvang, onderwijs, opvoedingsondersteuning en culturele of sportieve activiteiten.
De eerste brede scholen ontstonden met name in achterstandswijken, omdat kinderen in een achterstandsituatie meer zouden profiteren van een zo breed mogelijk aanbod. Scholen zochten vooral samenwerking met partners als de sector welzijn (VVE/peuterspeelzaalwerk, opvoedingsondersteuning) en sport ("kinderen van de straat houden").

Een tijdje terug stelde het kabinet zich ten doel 1200 van deze brede scholen gerealiseerd te hebben in 2011. Dit doel is makkelijk gehaald: al in 2009 waren er 12oo brede scholen in het basisonderwijs en nog eens 400 in het voortgezet onderwijs. 88% van de gemeenten heeft een brede school binnen zijn grenzen en dit zijn niet meer alleen achterstandsscholen in de grote stad. Brede scholen zijn overal te vinden: in de randstad en in de provincie, in achterstands- en in nieuwbouwwijken, aldus een rapport van onderzoeksbureau Oberon. Oberon ondersteunt gemeenten nu, om in 2011 het aantal van 1500 brede basisscholen te halen .

Oberon signaleert ook een trend van onderwijsachterstandenbestrijding naar talentenontwikkeling. Tweederde van de brede scholen wil een programma ter verrijking en verdieping van het onderwijs aanbieden.
Het aanbod van de brede scholen is bovendien steeds gevarieerder geworden, met aanbod op het gebied van sport & bewegen, kunst & cultuur, educatie, zorg, techniek, multimedia
en diverse vormen van voorschoolse-, tussenschoolse en naschoolse opvang. Elk van deze disciplines biedt weer een scala aan activiteiten, zoals clinics van sportverenigingen, musicalproducties,exposities, huiswerkbegeleiding, natuurtochten, weerbaarheidstrainingen,
voedingslessen, websites bouwen en techniekdagen. Deze activiteitenprogramma’s staan niet
los van het reguliere onderwijs.

Al met al geloof ik dat dit een goede ontwikkeling is. Zeker wanneer kinderen afhankelijk zijn van opvang in verband met werkende ouders, lijkt het me prachtig dat ze - liefst nog binnen één gebouw - kunnen kiezen uit een aanbod van naschoolse activiteiten en niet van hot naar her hoeven te rennen.

Ik vraag me eigenlijk af of er al een brede school is die zich profileert met een aanbod gericht op schrijven, lezen en - natuurlijk - vertellen? Toevallig sprak ik eerder deze week met de eigenaar van een kinderboekenwinkel, die er een warm pleidooi voor deed dat leesclubs in een school net zo gewoon worden als voetbalclubs. Als er zo'n "literaire" school komt (of is) hou ik me daarvoor in ieder geval graag aanbevolen!

vrijdag 23 april 2010

Ik zie ze weer vliegen...

... de vliegtuigen.
En stiekem vind ik dat een beetje jammer. Niet alleen omdat ik die strak blauwe lucht zonder strepen zo mooi vond, maar omdat ik wel benieuwd was wat er zou gebeuren als dit heel lang zou gaan duren.

Al de tweede dag van de het vliegverbod begon het. Terwijl op televisie en in de krant allerlei economische doemscenario's geschilderd werden, zag ik voor me hoe de uitbarsting van de Eyjafjallajökull - die naam klinkt al zo sprookjesachtig - aanleiding zou zijn voor een bezinning op een duurzamere economie.
Doordat vliegen voorgoed een riskante onderneming zou zijn op het Noordwestelijk halfrond zou er gezocht moeten worden naar nieuwe manieren van transport en andere bronnen van inkomsten. In plaats van voedsel en bloemen van over de hele wereld zouden we weer meer aangewezen zijn op wat er lokaal te halen valt. Er zouden creatieve geesten opstaan, die de mogelijkheden zagen van de veranderde situatie, in plaats van de belemmeringen. Het bedrijfsleven zou een krachtige innovatieve impuls krijgen, waarbij onontkoombaar sommige oudgedienden zouden sneuvelen, maar we uiteindelijk allemaal beter af zouden zijn. De mensheid door de natuur gedwongen door de knieën te gaan: prachtig toch?

Na een paar dagen begonnen de persoonlijke verhalen zich te mengen met de berichten over bedorven handelswaar en miljoenenverliezen voor luchtvaartbedrijven. Te zien was hoe schrijnend de situatie was voor sommige gestrande reizigers: ouders die niet naar hun kinderen konden, kinderen die niet naar hun ouders konden, overledenen wachtend in het mortuarium voor transport, familieleden van overledenen die de begrafenis misten, zieken zonder medicijnen.
Desondanks kon de verhalenverteller in me het niet laten ook hierover verder te fantaseren: wat zou zich afspelen in de hoofden van al die wachtende mensen? Hoelang zouden ze geduldig blijven en wanneer zou de knop om gaan en ze óf door het lint gaan óf zich aanpassen en wat anders gaan doen? Ik geef eerlijk toe dat die fantasieën niet altijd even realistisch waren:
  • de gestresste manager die in het Verre Oosten strandt en na weken van gedwongen niets doen besluit zich aldaar te vestigen in een Boeddhistisch klooster.
  • de naïeve jongeling die besluit op de bonnefooi naar huis te gaan, al liftend een maandenlange wereldreis maakt en letterlijk wereldwijs thuiskomt.
  • de romance die opbloeit tussen twee wachtenden in de vertrekhal.
  • de charmante zakenreiziger die besluit zich voorlopig te vestigen bij zijn geheime minnares en vervolgens in gewetensnood komt wanneer de vluchten tòch weer hervat worden.
  • familieleden die schijnbaar voor altijd gescheiden zijn, een nieuw leven oppakken en elkaar na decennia door toeval weer ontmoeten.
Er is vast nog veel meer te verzinnen, maar inmiddels vliegen de vliegtuigen weer. Geliefden worden herenigd en de personages uit mijn gedachten blijven voor altijd fictief. Europa is weer overgegaan tot de orde van de dag. en ik zal me ook maar weer concentreren op mijn gebruikelijke repertoire. Het was een mooi intermezzo.

zaterdag 17 april 2010

De energie van vertellen en voorlezen

Ik ben verhalenverteller.
Dat klinkt eenvoudig, maar toch moet ik vaak uitleggen wat ik precies doe. Nee, ik ben geen schrijver: alhoewel ik ook wel eens zelf wat schrijf, gebruik ik meestal bestaaande verhalen, al dan niet aangepast. En nee, dat is niet hetzelfde als voorlezen. Ik doe het uit mijn hoofd, ja. Hoe? Dat weet ik ook niet precies: het verhaal zit gewoon in me. Ik heb het me eigen gemaakt. Soms inderdaad met veel studeren en repeteren, maar vaak gaat het ook bijna vanzelf.

In dat laatste zit de essentie: het verhaal is van mij. Ik vertel het met mijn woorden en mijn emoties. Ik beleef het opnieuw op het moment dat ik het vertel. En dat niet alleen: het publiek beleeft het verhaal met mij. De luisteraar vormt aan de hand van mijn woorden en bewegingen zijn eigen beeld, ervaart dezelfde gebeurtenissen, voelt dezelfde emoties. Het is een gezamenlijke belevenis.
Dat is wat vertellen zo mooi maakt. Dat is de grote meerwaarde van vertellen boven voorlezen: het gevoel van saamhorigheid, de energie tussen verteller en luisteraar.

Het kost me altijd veel moeite om dit duidelijk te maken aan mensen die het nog nooit hebben meegemaakt. En als het gaat om vertellen aan kinderen, haal ik er dan ook nog allerlei meer practische argumenten bij: dat er meer interactie is, dat het gemakkelijker is om het niveau aan te passen, goed voor de taalontwikkeling en zo. Maar de essentie ligt bij het intermenselijk contact: een verhaal dat mooi is voorgelezen begrijp je, maar een verhaal dat goed is verteld voel je.

Natuurlijk begrijp ik dat er, zeker in het onderwijs, niet altijd tijd is om te vertellen. Het vraagt behoorlijk wat voorbereiding en een boek is zo even gepakt om voor te lezen. Daarom is er niets mis met voorlezen: daar leren kinderen veel van - zeker als het goed voorbereid en interactief gedaan wordt - en het kan zeker ook heel gezellig zijn. Ik vind het alleen zo jammer dat voorlezen de norm is geworden en vertellen de uitzondering. Bij voorlezen ligt de nadruk meer op het verhaal, de inhoud, en minder op de communicatie en het menselijk contact.
Vertellen en voorlezen bijten elkaar echter niet. Het zijn twee verschillende technieken, die allebei een bijdrage kunnen leveren aan de taalontwikkeling en ontluikende geletterdheid van kinderen. Dat is één van de redenen dat ik in deze blog en in mijn nieuwsbrief behalve aan vertellen ook regelmatig aandacht besteed aan interessante activiteiten rondom voorlezen.

In de loop van deze week stuitte ik echter op een voorleesproject van het Spraakfonds, waarbij ik na het lezen van de doelstellingen me eens goed achter de oren krabde.
Het Spraakfonds is een organisatie in het noorden van het land, die zich inzet voor de bevordering van spraak- en taalontwikkeling van kinderen. Vanuit een achtergrond in de logopedie probeert men samen met o.a. gemeenten en onderwijs- en kinderopvanginstellingen taalachterstanden tegen te gaan. Momenteel is het Spraakfonds aan het lobbyen voor een subsidie voor een nieuw project, waarbij ouderen via een beeldtelefoon gaan voorlezen aan (al dan niet eigen klein-)kinderen. Dit moet, zoals gebruikelijk bij voorlezen, de geletterdheid van de kinderen bevorderen, maar bovendien er ook voor zorgen dat ouderen niet in een isolement raken.

Het wil er bij mij niet in. Iedereen die mij enigszins kent weet dat ik leesbevordering altijd een warm hart heb toegedragen en dat ik bovendien niet vies ben van moderne technologie. Maar bij dit project is men naar mijn idee toch iets te ver doorgeschoten. Hoe zit het met het intermenselijk contact, om het maar even zo te noemen?
Voorlezen betekent toch ook even gezellig op schoot kruipen en genieten? Dat lijkt me lastig via een beeldtelefoon. En die oudere die in een isolement dreigt te raken: is die echt gebaat bij contact via een electronisch apparaat? Zou die niet veel liever zo'n hummeltje op bezoek krijgen met een mooi voorleesboek?

Ik weet het niet. Misschien ben ik wel te sceptisch. Vooralsnog zie ik veel meer in projecten waarbij kinderopvang en verzorgingstehuis samenwerken en elkaar wederzijdse bezoekjes brengen, waarbij voorgelezen en gezongen wordt, zoals gebruikelijk was op het kinderdagverblijf van mijn eigen kinderen.
Het gaat om mensen, en die willen elkaar horen, zien en voelen. In het echt alsjeblieft. Als daarbij nog een verhaal voorgelezen of verteld wordt, is dat mooi meegenomen.

Toevoeging: Daags na het publiceren van dit artikel had ik toevallig telefonisch contact met de initiatiefneemster van dit project. Uit het (korte) gesprek bleek o.a. dat het idee met name is ontstaan doordat veel grootouders te ver weg woonden van hun kleinkinderen om ze vaak te bezoeken. Dat klinkt toch al een stuk aannemelijker als argument, en zo blijkt maar weer dat "real life" menselijke communicatie een stuk helderder is dan alleen maar online ;-)

vrijdag 9 april 2010

Boeken, lezen en véél meer!

In eerdere berichten over de Leespluim van de maand - voor mei gaat deze naar het prentenboek "Aan tafel" - heb ik al vaker verwezen naar de website Leesplein. Op deze website is echter veel meer te vinden dan nieuws over nieuwe en onderscheiden boeken. Het is een onschatbare bron van informatie voor iedereen die geïnteresseerd is in kinderboeken: kinderen, ouders en beroepskrachten.

Voor kinderen
Kinderen kunnen informatie zoeken over schrijvers, zelf een boekverslag schrijven of een spelletje of quiz doen. Per leeftijdscategorie is er een apart onderdeel op de site en de vormgeving is ook aantrekkelijk voor kinderen. Voor kinderen die al zelf kunnen lezen is er een hoop te doen, maar de spelletjes voor peuters/kleuters vind ik erg magertjes.

Boeken zoeken
Een belangrijk onderdeel van de site is een database waarin je boeken kunt zoeken op titel, auteur of onderwerp. In de onderdelen voor peuter en kleuters (Voorleesplein) en voor ouders en beroepskrachten (Laten Lezen) is er bovendien een link opgenomen naar Boek en Jeugd Online. Dit is de online versie van de bekende gedrukte gidsen, die al vanaf 1965 worden gepubliceerd. Alle boeken die in de gidsen vanaf 2003 zijn te vinden staan nu in de database, met uitzondering van de meest recente uitgave. Je kunt Boek en Jeugd Online overigens ook rechtstreeks bezoeken op www.boekenjeugdgids.nl .

Projectenbank
Voor beroepskrachten is er op de site een databank met projecten op het gebied van leesbevordering en taalstimulering. Je kunt zoeken op doelgroep en werkvorm (lezen, schrijven, poëzie, drama). Ik was blij verrast om te zien dat vertellen er ook bij staat en ben uiteraard al bezig om ook vermeld te worden.
Daarnaast is er een aparte database waarin je kunt zoeken naar projecten en/of boeken met meertalig materiaal.

Al met al een schat aan informatie, die ook goed up to date wordt gehouden. Maak er gebruik van!

donderdag 1 april 2010

StoryAwards

Ongeveer twee maanden geleden werd me gevraagd of ik mee wilde werken aan het project StoryAwards. Toevallig had ik er al over gelezen in de krant en ik was gelijk enthousiast. StoryAwards is een schrijfwedstrijd voor jongeren in en rondom Amersfoort en ik werd benaderd om de winnende verhalen voor te dragen. Leuk! Het past mooi in mijn missie om verhalen vertellen meer onder de aandacht te brengen bij de jeugd. Verhalen schrijven ligt naar mijn mening aardig in het verlengde. Doen dus.

Spannend vond ik het wel. Sinds ik ben begonnen met vertellen heb ik me, mede door mijn achtergrond als kleuterleidster, vooral gericht op jonge kinderen. Ik hou van de spontaniteit en ontvankelijkheid van peuters en kleuters. Oudere kinderen, en zeker pubers en jongeren, zijn kritischer en afwachtender en ik vind het soms best moeilijk om mezelf daarbij een houding te geven. Nu moest ik dus gaan optreden voor een zaal vol middelbare schooljeugd. Zou ik die wel genoeg kunnen boeien? En dan ook nog met een verhaal dat ik bij het accepteren van de opdracht niet eens kende?

Want dat was een andere spannende factor: normaal kies ik zelf mijn verhalen (sterker nog: vertellers willen nogal eens zeggen dat het "verhaal jou kiest") en nu zou ik het moeten doen met twee verhalen die pas een week van tevoren bekend gemaakt zouden worden. Dat maakte me eerlijk gezegd behoorlijk zenuwachtig , want een week voor het instuderen van twee verhalen is tamelijk aan de krappe kant.

Vorige week vrijdag was het zover: gedurende een galadiner in Leerhotel Het Klooster te Amersfoort zouden de prijswinnaars bekend gemaakt worden en zou ik samen met collega Matthijs Brandsma de drie winnende verhalen voordragen. Het was geweldig.
De avond verliep in een heerlijk ontspannen sfeer - behalve voor de genomineerden wellicht, die behoorlijk gespannen waren - , het eten was lekker en de optredens gingen (vrijwel) vlekkeloos.
Het verhaal uit de oudste categorie, Lillyville was weliswaar een prachtig verhaal en terecht de winnaar van die leeftijdscategorie, maar had ons behoorlijk wat hoofdbrekens gekost om het "vertelbaar" te maken. Het resultaat mocht er toch zijn, denk ik: je kon een speld horen vallen tijdens de voorstelling.

Het leukste was misschien wel dat de schrijvers van de betreffende verhalen tijdens het vertellen naast me op het podium zaten: hoe vaak maak je dat nou mee als verteller? Als die schrijver bovendien een stralend achtjarig jongetje is, dan doet je dat toch wel iets.
Al met al was het een geweldige ervaring, die weer veel nieuwe energie en inspiratie oplevert. Mijn complimenten voor de deelnemende schrijvers en de organisatoren Maarten van Norren, Feike Faase en de rest van het team, dat uiteindelijk voor zo'n geslaagde avond heeft gezorgd.

De door mij vertelde verhalen Lillyville (Linda Mulders) en Groen in Gevaar (Wouter Stoter) kun je downloaden op de pagina van StoryAwards. Maar je mag me natuurlijk ook boeken voor een herhaling van de voorstelling ;-)


Melanie vertelt Lillyville, terwijl Linda Mulders toekijkt

vrijdag 19 maart 2010

Wereld-voor mij niet-verteldag

Morgen, 20 maart, is het Wereldverteldag. Over de hele wereld werken verhalenvertellers samen om het vertellen van verhalen onder de aandacht te brengen. Terwijl wij nog slapen, beginnen in Azië en Australië mensen te vertellen, later op de dag nemen de Europeanen het vertelstokje over en als hier de dag al aardig gevorderd is beginnen in Amerika de vertellerstongen los te komen. Vertellers over de hele wereld delen met elkaar wat ze organiseren (lang leve het worldwide web!). Ik vind dat een mooie gedachte: de hele wereld op een dag met elkaar verbonden door verhalen.

Vorig jaar hoorde ik voor het eerst van Wereldverteldag en heb ik zelf gelijk fanatiek meegedaan. Samen met twee collega's heb ik in Amersfoort-Noord basisscholen "overvallen" en leerkrachten en leerlingen verrast met een kort verhaal. Zomaar, gratis en voor niks, omdat het Wereldverteldag was. Het was een erg leuke dag en ik was vast van plan in 2010 er weer helemaal voor te gaan.

In november hoorde ik via de Stichting Vertellen een oproep voor de landelijke werkgroep voor Wereldverteldag en dacht: "Ach, waarom niet?" In november hadden we onze eerste vergadering en het beheren van de Wereldverteldag website leek me wel een mooie, rustige taak. Dat heb ik geweten.
Vanaf januari heb ik samen met de websitebouwer de site helemaal overhoop gegooid en weer opgebouwd. Ondertussen kwam 20 maart angstaanjagend snel dichterbij en wilden vertellers graag hun evenementen aanmelden.

Er is keihard gewerkt: door de werkgroep, door de sitebouwer, door mij als beheerder en natuurlijk door vertellers in het land. Vandaag staan er vierenveertig verschillende vertelevenementen op de kaart, allemaal op of rondom Wereldverteldag, zodat geïnteresseerden kunnen zien wat er te doen is bij hen in de buurt. Verschillende radio- en tv-stations zijn al te woord gestaan. Ik ben trots. We hebben het gered...

Maar wacht es even... ik was toch ook nog verteller? Tja, inderdaad.
Ik had een bekend evenement in Amersfoort benaderd voor samenwerking op 20 maart. En ze waren enthousiast. Maar toen puntje bij paaltje kwam hoefden de deelnemers uiteindelijk toch geen verteller. Bah. Nu kan ik als werkgroeplid morgen zelf niet eens vertellen.
Ik heb overwogen om ad hoc nog iets in mijn eigen buurtje te organiseren, maar eigenlijk ben ik ook wel blij dat ik eindelijk even achterover kan leunen. Ik troost me met de gedachte dat ik een hoop werk verzet heb voor de publiciteit van vertellen, ook al vertel ik morgen zelf niet en ik probeer te genieten van de rust, voordat het volgende week weer losbarst. Want dan komen de enthousiaste verslagen van vertellers binnen, die óók weer op de website moeten!

En mijn vertelling? Dat komt volgend jaar wel weer.

vrijdag 12 maart 2010

Verhalen van alle tijden

Het kabinet is gevallen, de gemeenteraadsverkiezingen zijn voorbij en de politiek is het gesprek van de dag: maar niet altijd met even veel respect voor de heren en dames politici. Daarmee is niks nieuws onder de zon, zoals wel blijkt uit onderstaand verhaaltje dat ik gisteren toevallig tegenkwam en dat is opgetekend in 1907:

Acht vingers in de koestront

De gemeenteraad van het dorp vergaderde en de burgemeester telde de raadsleden.
"Vreemd," zei hij, "ik tel maar zeven man en toch moeten we met zijn achten zijn, de secretaris meegerekend."
De secretaris telde op zijn beurt de raadsleden, zonder zichzelf mee te tellen. Ook hij telde maar zeven aanwezigen.
Toen kreeg de burgemeester een heldere gedachte. Men zou zijn vinger in een plak koestront steken, die voor de deur van het gemeentehuis lag. Dan hoefden ze alleen de gaatjes te tellen.
Iedereen stapte naar buiten en stak zijn vinger in de plak. Men telde de gaatjes. Het waren er acht. De gemeenteraad was voltallig.

Bron: Sprookjes van de Lage Landen, bijeengebracht en bewerkt door Eelke de Jong en Hans Sleutelaar, Uitgeverij De Bezige Bij, 2004 (oorspronkelijke uitgave 1972)

maandag 1 maart 2010

Babboes steunt Jantje Beton!

Buiten spelen
Buiten spelen is gezond, het stimuleert niet alleen de motorische ontwikkeling van kinderen, maar ook de sociale ontwikkeling en de fantasie. Dus het is mooi meegenomen dat heel veel kinderen buitenspelen als één van hun favoriete bezigheden noemen, aldus een onderzoek dat Qrius in opdracht van Jantje Beton uitvoerde:
  • Kinderen spelen het liefst buiten, omdat ze dan samen zijn met vriendjes en vriendinnetjes (70%) en omdat ze dan lekker kunnen ‘rennen en doen’ (62%).
  • Voor kinderen is buitenspelen zo leuk omdat ze dan zelf kunnen bepalen wat ze doen (94%)
  • En omdat ze zich dan vrij voelen (92%)
  • Buitenspelen wordt voor de kinderen leuker als:
    • Er meer speeltuintjes of klimrekken komen
    • Er meer kinderen zijn om mee te spelen
    • Er meer dingen zijn voor hun eigen leeftijdsgroep
  • Een kleine minderheid van de kinderen zegt dat hun buitenspeelgedrag negatief beïnvloed wordt door buren (10%) andere kinderen (10%), of druk verkeer (10%).
Jantje Beton
Het Nationaal Jeugd Fonds - nu bekend als Jantje Beton - werd op 2 april 1968 opgericht en heeft in de afgelopen decennia al heel veel kinderen aan een goede speelplek geholpen. Ik kan me Jantje Beton uit mijn eigen jeugd herinneren en de speeltuin waar mijn kinderen nu spelen is onlangs met geld van onder andere Jantje Beton omgetoverd in een natuurspeelplaats. Of zoals Jantje Beton het zelf zegt op zijn website:
Jantje Beton streeft ernaar dat kinderen weer veilig en vrij kunnen buitenspelen in een avontuurlijke speelomgeving en neemt de wens van kinderen om gehoord te worden serieus. Door alle buurtbewoners – en dus ook de kinderen – te betrekken bij het vormgeven van hun speelomgeving, sluit deze uiteindelijk beter aan bij de wensen van de hele buurt.
Campagne en collecte
Op 27 februari is de nieuwe campagne van Jantje gelanceerd - "Ik wil buiten spelen" - met posters, radiospotjes en advertenties in dag- en weekbladen. Tegelijkertijd vindt weer de jaarlijkse collecte voor Jantje Beton plaats. Wist u dat de helft van de opbrengst van deze collecte rechtstreeks naar de (jeugd)vereniging of organisatie gaat die collecteert en zo al goed besteed wordt? De andere helft van de opbrengst gaat naar Jantje Beton zelf en komt op die manier ten goede van spelende kinderen.

Babboes-actie
Toen ik in januari benaderd werd om tijdens de nieuwe campagne Jantje Beton te sponsoren heb ik niet lang getwijfeld. Het welzijn van spelende kinderen ligt mij na aan het hart, als moeder uiteraard, maar ook als ondernemer: het is immers ook mijn werk om kinderen een plezierige tijd te leveren, met ruimte voor spel en fantasie.
Daarom levert Babboes met plezier een financiële bijdrage aan Jantje Beton. Toegegeven: daar staat wel een mooie advertentie voor Babboes in de regionale actiekrant tegenover - da's ook niet mis - maar daar blijft het wat mij betreft niet bij!
Klanten die tijdens de Jantje Beton actieperiode (1 t/m 6 maart 2010) of in de rest van de maand maart een voorstelling en/of koffer boeken bij Babboes kunnen nog een extra steentje bijdragen: naar keuze betalen ze òf zelf 10% minder, òf de volle prijs, maar in het laatste geval gaat 10% naar Jantje Beton. Want kinderen willen buiten spelen!