zaterdag 14 april 2012

J is van Juffrouw

In de maand april neem ik deel aan de A to Z April challenge: iedere dag zal ik een stukje schrijven op mijn blog. Iedere dag een volgende letter,  met iedere dag een personage uit een kinderboek of -verhaal, dat mij inspireert of geïnspireerd heeft.
J is van Juffrouw, Scholten was haar naam
Door Annie M.G. Schmidt verwierf zij faam.
Verschillende juffrouwen passeerden de revue bij het bedenken van het onderwerp voor de letter J: Juffrouw Bulstronk (uit Mathilda van Roald Dahl), Juffrouw Kachel (Toon Tellegen),  Juffrouw van Zanten (en de Zeven rovers, prentenboek van Mathilde Stein en Dorine de Vos).  Maar als het gaat om personages of boeken die mij hebben geïnspireerd, dan wint toch juffrouw Scholten. En sowieso mag Annie M.G. Schmidt eigenlijk niet ontbreken in deze A tot Z reeks.

Juffrouw Scholten is niet één van de bekendste personages van Annie M.G. Schmidt. Desondanks is ze in mijn geheugen gegrift sinds ik over haar las. Dat was niet eens in een boek van Annie M.G. Schmidt zelf, maar in een boekje geschreven door Kees Fens ter gelegenheid van de Kinderboekenweek 1983: Mijnheer van Dale en Juffrouw Scholten. Ik heb twee jaar geleden al eens een stukje geschreven over Juffrouw Scholten en haar trieste lot, en zal dat hier niet nog een keer herhalen. Het gaat me nu om het boekje van Kees Fens.

Mijnheer van Dale en Juffrouw Scholten gaat over woorden. Over oude woorden en nieuwe woorden, mooie woorden en lelijke woorden. Over woordenboeken (daar komt Meneer van Dale om de hoek kijken) en over spelen met klanken en woorden. Juffrouw Scholten is gemaakt van woorden en bestaat niet echt, maar zolang je de woorden leest, lijkt ze wel echt. Dat is mooi.

Ik was dertien toen ik het boekje las en verrast door de manier waarop er geschreven werd over taal: zó anders dan op school! Het heeft nog decennia lang gesluimerd in mijn hoofd, maar sinds een paar jaar heb ik een vak dat zich precies daarmee bezighoudt: de magie van woorden.
Als ik een verhaal vertel, zoek ik naar de juiste woorden. Woorden die mooi klinken, ongebruikelijke woorden die passen bij het verhaal en daarna laat ik ze los, zoals Kees Fens zo mooi beschrijft:
Het woord is een vogel, de tanden zijn de tralies. Gaat de mond open, dan vliegt het woord weg. De vrijheid in. Dat dacht het tenminste. Maar waar vliegt het recht in? In het oor van een ander. Woorden hebben vleugels. En ze kunnen net zo ver komen als onze stem kan dragen. (...) Maar het allermooiste is: het woord vliegt door de tanden heen en ik ben het toch niet kwijt.
Ik ben niet de enige die dit beeld mooi vindt. Kijk maar eens naar het logo van de Stichting Vertellen.