woensdag 9 juni 2010

Hoera, de moedertaal mag weer!

Tijdens mijn loopbaan in het basisonderwijs heb ik tien jaar gewerkt op wat oneerbiedig een "zwarte" school genoemd wordt. Ik heb het laatste Nederlandse kind van deze school in mjin kleutergroep gehad: daarna was de schoolbevolking jarenlang 100% allochtoon.
Vanzelfsprekend hadden we daardoor regelmatig te maken met ouders die de Nederlandse taal niet of nauwelijks spraken en veel van deze ouders worstelden zelf met de vraag welke taal ze moesten spreken met hun (jonge) kind. Ons advies luidde meestal om vooral de eigen taal te spreken en ook in de eigen taal voor te lezen en spelletjes te doen. (Dit werd in de praktijk gestimuleerd door middel van ouderbetrokkenheidsprogramma's zoals Rugzak, waarvan het concept later is overgenomen in VVE-Programma's)

Onze redenering was dat een ouder die zijn moedertaal gebruikt, zich beter kan uitdrukken, diepgaander gesprekken met kinderen kan voeren, emoties beter kan benoemen, etcetera. (Probeer je maar eens voor te stellen hoe het is om je eigen kind te troosten in een voor jou vreemde taal.) Zo'n ouder zal zijn kinderen beter kunnen begeleiden bij het opgroeien. Het kind ontwikkelt naar alle waarschijnlijkheid een normaal tot goede taalvaardigheid - al is het dan in de moedertaal - en leert normaliter alle dingen die een Nederlands kind ook leert, zoals tellen, het benoemen van kleuren en vormen, het benoemen van gevoelens. Deze kinderen komen misschien wel met een taalachterstand binnen op de basisschool, maar niet (of minder, want het sociaal milieu speelt ook een rol) met een ontwikkelingsachterstand.

Zelfs wanneer ouders enigszins Nederlands spraken, adviseerden we ze toch hun eigen taal te gebruiken. In praktijk bleek namelijk vaak dat kinderen die in zowel Nederlands als de moedertaal opgevoed werden, vaak beide talen gebrekkig spraken: dus ook de moedertaal! Liever één taal goed geleerd, dan twee talen half.

De leidende gedachte voor de kleuterleerkrachten op onze school was dus dat kinderen die als peuter hun eigen taal goed geleerd hebben, op school alleen de vertaalslag hoeven te maken. Deze gedachte werd bevestigd in de praktijk.
Circa eenderde van de instroom in groep 1 was van Turkse afkomst en tweederde Marokkaans-Berbers. Een groot deel van de Turkse kinderen kwam "onaanspreekbaar" - dat wil zeggen zonder enige kennis van het Nederlands - binnen, terwijl veel Marokkaanse kinderen al een aardig woordje Nederlands spraken. Volgens collega's in de bovenbouw bleven de Turkse leerlingen wel moeite houden met de taal, maar lagen hun leerprestaties uiteindelijk in het algemeen hoger.

Uiteraard is dit allemaal natte vingerwerk en spelen er ook een heleboel andere factoren een rol, zoals de cultuur binnen het gezin.
Daarom was ik blij verrast toen ik eerder deze week een artikel las over een wetenschappelijk onderzoek waarin precies het bovenstaande bevestigd wordt:

Allochtone kleuters van wie de ouders relatief vaak Nederlands spreken thuis, beheersen de taal niet beter dan kinderen die thuis vooral de eerste taal (Turks of Berbers) te horen krijgen. Veel belangrijker is het niveau waarop ouders met hun kinderen communiceren.

Kleuters die veel worden voorgelezen en wier ouders op een meer abstract niveau met hen praten in de moedertaal, kunnen die kennis inzetten bij het leren van Nederlands. Die conclusie trekt pedagoge Anna Scheele in het onderzoek waarop zij 11 juni promoveert aan de Universiteit Utrecht.

(Bron: De Volkskrant, lees ook het volledige artikel)
Wij hebben het als leerkracht dus altijd goed aangevoeld!

Neemt niet weg dat het belangrijk blijft voor ouders om Nederlands te leren: om bijvoorbeeld beter te kunnen communiceren met de leerkracht van hun kinderen, maar vooral ook voor een volwaardige plek in de maatschappij. Wanneer je de taal niet spreekt, blijf je afhankelijk van de hulp van anderen.
Maar dat gezeur over verplicht Nederlands spreken met je kind (wie moet dat controleren trouwens?) moet nu eindelijk maar eens afgelopen zijn. Het is gewoon niet nodig en dat is nu gelukkig ook aangetoond.

Lees meer in de samenvatting van het proefschrift (downloadbaar pdf-bestand).